22. Verwarring zaaien
‘Verwarring zaaien, dat is wat jullie soort doet, Koekoek.’ ‘Hoezo dan?’ ‘Uit Brits onderzoek kwam een verrassende o
21. Een team
‘Een team. Dat moet je tegenwoordig zijn. En als je dat niet bent, win je geen Europees kampioenschap, verjaag je geen Syris
20. Siamo ritornati
‘Siamo ritornati. We zijn nog niet terug of mevrouw kijkt al niet meer naar me om. Nee, ze zit vol vertedering te gapen naar
19. Ciao
‘Ciao Fries, come vai? Ik praat al een beetje Italiaans. Hoor je dat? Die Koekoek hier in het dal kan ik wel verstaan. Allee
18. Ik schrikkel
‘Ik schrikkel.’ ‘Wat zeg je Fries?’ ‘Nou gewoon: schrikkel. Weet je niet wat ik bedoel? Ik schrikkel, jij schrikkelt
17. Carnaval
‘Carnaval, carnevale, vasteloavend! Ga je mee hossen? In Oeteldonk is het grote omkeerfeest begonnen. De heer wordt boer, de
16.Cafferata
‘Cafferata een koffiemerk? Nee, een vuurwerkhandelaar die toevallig de buurman van meneer en mevrouw is. En die tijdens de j
15.Blokjes en streepjes
‘Blokjes en streepjes? Waar heb je het over?’ ‘Nou, het is dat meneer en mevrouw mij af en toe een zetje geven. Maar ik
